BREKEND: Mark Lauriks bedankt voor het Nederlands Elftal

Geachte heer Van Marwijk, beste Bert,

Als afscheid ‘mourir un peu’ is, wat is dan afscheid nemen van iets dat nooit geweest is? Toch op z’n minst een beetje schijndood. Want daar gaat deze brief over, Bert: de (schijn)dood van iets moois. Vandaag, 10 maart 2011, heb ik besloten officieel te bedanken voor het Nederlands Elftal. Ik ben niet meer beschikbaar. Je hoeft me niet meer op te roepen. En dat schrijf ik toch met een zekere weemoed, Bert.

Het begon allemaal zo veelbelovend. Deed ik in het begin van ‘de jeugd’ vooral mee voor spek en bonen, schopte ik het bij de A-junioren eindelijk in een heus selectie-elftal. Maar waar was je toen ik kampioen werd en naar de hoofdklasse promoveerde, Bert? Toen was Louis van Gaal bondscoach? Nou vooruit. Maar het punt is: op het toppen van mijn kunnen werd ik nooit geselecteerd. En dat terwijl ik er zoveel voor over heb gehad. Gele en rode kaarten, een gebroken hand. Een gebroken oogkas zelfs, Bert. Maar kennelijk waren er steeds ‘beteren’ op mijn positie: niet al te aanvallende rechtsback die tevens als spits kan fungeren. Enfin, het zij zo.

Nu ben ik 29. Een moment om je voetbalcarrière nog eens te overdenken. Van jaren eerste klasse te hebben gespeeld, nu derde klasse. Dit jaar worden we kampioen, misschien wel ongeslagen. Maar ook nu kwam er geen uitnodiging, Bert. Oké, ik speelde nog bijna geen wedstrijd en ik heb niet zoveel tijd om te trainen, maar toch: welke speler is er beter op mijn positie? “Een heleboel”? Dat is ook maar een mening, Bert. Je hebt me toch een beetje in de steek gelaten.

Maar laat ik positief afsluiten. Nu ik officieel bedank, is de weg vrij voor jong talent. Want daar moet het toch om gaan, uiteindelijk. Het gaat niet om mij. Ik richt me wel weer op mijn cluppie.

Ik wens je veel goeds, Bert. Ook jij bedankt.

Op donderdag 10 maart 2011 bedankte Mark Lauriks officieel voor het Nederlands Elftal.

Advertenties